“De Bouw” van onze zaal

 

 

 

‘We hebben er bijna tien jaar lang over geklapt, gebrainstormd, plannen gemaakt tot in het absurde, onze ijdele luchtkastelen verworpen, realistische ideeën op papier gezet die dan nog utopisch bleken te zijn. We hebben gebakkeleid over vensters en soorten stoelen, tientallen soorten bakstenen gekeurd, de gemeente op hun seskes gewerkt, kilometers lengtes en breedtes afgepast, Belgacom rijk gemaakt, onze leden gepaaid met bemoedigende uitspraken allerhande, uuuren vergaderd en tekeningskes gemaakt op bierkaartjes, de moed bijna laten zinken en weer opgepakt, maar in de zomer van 1999 zaten we eindelijk in de echte prelude van de bouw.’ (Alex Martens)

 

 

De administratieve molen draait bijzonder traag, dat hebben ook wij ervaren. Ons aanvraagdossier bij stedenbouw raakte maar niet behandeld. Erger nog, het raakte in een papierversnipperaar, tot wanhoop van o.a. Rob Lenaerts. Toen op 13 september 1999 de goedkeuring eindelijk toekwam bij de dienst Bouw en Planning van de stad Geel, gaf Ludo Vansant ons dadelijk mondeling de toestemming om met de werkzaamheden te beginnen. Op 20 september zou het dossier voor de gemeenteraad komen en ook daar worden goedgekeurd.

 

 

‘Op 17 september vatten we de werken aan: twee bobcats van Guido Vanhoof werden ingezet tegen de houten muurtjes. Op nen ik en ne gij lag ons idyllisch stulpje en het platen kot tussen de kastanjelaars en berkenbomen aan diggelen.’ (Alex Martens)

 

Nadat alles was afgevoerd, konden de graafwerken beginnen..

 

Frans Belmans had eerder al de kleinere boompjes en struiken op het perceel omgelegd en stiekem een ‘storck’pomp uit het huiske verwijderd. Het was voor iedereen een raadsel hoe dat zware spul uit dat diepe gat in de grond kon verdwijnen. Een maand later bracht Frans opheldering…
Op 31 juli hadden we reeds de inhoud van beide bouwsels overgebracht naar o.a. een loods in Herentals.

 

 

Een greep uit het finale plan:
‘Het gebouw zelf bestaat uit een skeletbouw van betonnen pijlers verbonden met houten spanten. De muren tussen deze pijlers bestaan uit panelen in cellenbeton die aan de buitenzijde afgemaakt worden met een façadesteen in een ‘bezand zonnebekerode’ kleur. Het dak bestaat uit geperforeerd, gelakt en geïsoleerd steeldeck. De ramen en buitendeuren worden vervaardigd uit wit gemoffeld aluminium.
In het gebouw wordt een betonnen podium voorzien met een planken vloer. Dit podium is volledig onderkelderd. Boven de ‘nuts’ (inkomhal, sanitaire voorzieningen, keuken, een bergplaats, een toog en een keuken) komt een verdieping voor een regiekamer, een opslagplaats en ‘polyzaal’, die voor allerhande activiteiten te gebruiken is.
De ruimte voor de toeschouwers heeft een oppervlakte van 14 bij 14 meter met tafels en stoelen. Door voor deze vorm van cafétheater te kiezen, sparen we de kosten en de ruimte voor een afzonderlijke kantine uit en is de zaal bovendien voor verschillende doeleinden beschikbaar. We voorzien 150 stoelen.’ (Maurits Lenaerts)

 

 

Perikelen

 

snif, snif, … het huizeke aan diggelen (september 1999)wankele muur aan de ‘nuts’duivels in Rauwelkoven na ’t spuiten van het podium … rechts: Ludo Gebruers

 

– Jef Maes betrapte een dief die een zak cement wou stelen. Die mocht het ding na betaling
meenemen.

 

Bij slecht weer wankelde de pasgemetste muur aan de trap van de ‘nuts’ en moest in allerijl worden gestut.
Er was een heleboel te doen rond K10, een zaak die wij in eerste instantie associeerden met K3. Het bleek een van de funderingsputten te zijn. Net uitgegraven, was dit een valkuil voor Joske, een van onze buren. Die was eerder al met een eerste emmer in zijn living omver gegaan. Met het ‘uitgraven’ van Joske werd de kuil nog dieper en breder.
Kort na het betonstorten belandde onze voorzitter bij valavond in de kuil. Hij werd er, niet zonder moeite, uitgesleurd. Ook zijn gsm werd gered. Dankzij het nog flikkerende lichtje kon het ding worden gelokaliseerd en gered uit de smurrie.
Het volstorten van een van de palen-bekisting in de kelder was hectisch. De bekisting dreigde het niet te houden. Enkele toevallig aanwezige ‘mannen van de bouw’ konden de constructie dadelijk versterken en een groot onheil voorkomen. De ietwat dik uitgevallen paal is te bezichtigen in onze kelder.

 

Gaston kwam onder de bekistingsolie bij het bekisten in de kelder.
De keldertrap werd met te weinig grind gemaakt na een verkeerd begrepen receptuur.
– De grote kraan die de grote ytongpanelen moet aanbrengen, geraakte niet over de kastanjeboom aan de voorkant. De boom moest om.

 

We voerden uit Schoten een massa tweedehandse ytongpanelen aan. Die werden alle op maat gezaagd met een widiazaag (wibra-zaag?).

 

Na het zwartspuiten van de muren van het podium kwamen Gaston Vanhoof en Ludo Gebruers als baarlijke zwarten buiten. Vooral Ludo zag er fameus uit (zie foto).

 

 

Als leken in de bouw leerden we vele termen:
exotische als porisowand, rakkejak, steeldeck, tirifon of trifon, kift, paraplupluggen.
sommige konden zelfs wij na wat moeite vatten: U-kader, U-pad, afstandhouder, wachtijzers, staalmatten, ringbalk, nulpas, bekistingplaat, vloerplaat, skeletbouw, aardingslus, reukafsluiter.
grappige als: afmachienen, wibrazaag, trek- en duwschoor en barakoveruren.

Er werden om en bij 4000 uren gewerkt aan de bouw (Gaston Vanhoof 545-Jef Maes 424-Rob Lenaerts 377-Jef Heylen 325-Maurits Lenaerts 314-Frank Vaneynde 312-Jef Kestens 308-EV105-Sven Verreyt 105-Jan Theunis 95-Gilbert Geudens 90-Domien Vaneynde 90 waren er het meest te vinden).
De vele uren gespendeerd aan telefoons, aan het maken van prospecties, aan raad inwinnen, aan overleg, enz. zijn hierin niet vervat. Voorzichtigheidshalve zwijgen we nog over alle tijd besteed aan nabesprekingen, over de barakoveruren en slapeloze nachten.

 

Gelukkig verliep alles zonder noemenswaardig accident. Buiten wat tuimelpartijen en licht gekneusde extremiteiten werd niemand zichtbaar gehavend.

 

 

technische knobbels: Jef Heylen en Maurits Lenaertsin de put … Jef Maes, Jef Heylen, Gilbert Geudens en Gaston Vanhoofeen zeldzaam stil moment tijdens de bouw: Guido Vanhoof, Frank Vaneynde, Maurits Lenaerts, Gaston Vanhoof, Jan Theunis en Rob Lenaerts

 

 

Drie mannen van de firma De Pelsmaeker zetten in veertien dagen met een reuzenkraan de ruwbouw neer, een professioneel precisiewerk. Ze monteerden de kolommen, spanten en ytongpanelen en bevestigden het steeldeck.
‘In februari 2000 stond de bouw onder dak, gelegenheid om de mei te drinken in café Het Anker. In augustus 2000 konden we een barbecue aansteken in de nog vrij onafgewerkte ruimte en een eerste feestje bouwen.
Waar er tot september aan de zaal werd gewerkt op elke zaterdag en op elke woensdagavond, werd in de spurtfase overgeschakeld op een ritme van zeven dagen op zeven met enkele demarrages tot vier uur ’s morgens om o.a. de verwarmingsketel voor zondagavond 22 oktober aan de praat te krijgen. Dankzij ene Tuur lukte het.’ (Gaston Vanhoof)

 

 

nog in de put: Eddy Verdonck, Jef Heylen en Jef Maespolyvalent: Frans Belmans en sympathisant Roger Gilisstilleven aan een nooddeur: Sven Verreyt, Rob Lenaerts, Frans Belmans, Gaston Vanhoof en Jef Kestens

 

 

 

net zo makkelijk metser als filmer: Gilbert GeudensJef Schauwaers en zonen maken een nooddeur tochtvrijbarbecuen met Tom Vanhoof, Domien Vaneynde, Mia Vaneynde en Wiske Verachtert

 

 

In totaal 4 kilometer elektrische kabels werden aangesloten en in kabelgoten gelegd.

 

Dankzij de hulp van Jan Theunis en een achtkoppig VDAB-team in bouwopleiding raakte het ‘parament’ aan de straatzijde tijdig af. Hetzelfde team zorgde o.a. ook voor een omheining, de poorten en een kleine loods aan ‘buurzijde’. Met hulp van de gemeentelijke diensten kwamen het sanitair blok en alle ‘afwatering’ volledig in orde. Ludo Gebruers maakte zich nogmaals bijzonder verdienstelijk voor onze vereniging door alle binnenmuren te helpen verven.

In de laatste maand (oktober) werden alle vrije GVT-handen gemobiliseerd om het gebouw ‘af’ te werken. De penningmeester kon die maand alle financiële verrichtingen amper tijdig ingeschreven krijgen.

De laatste repetities voor de openingsproductie Open en bloot werden noodgedwongen meer improvisatieavonden, want voor het stuk moesten nog snel DRIE decors worden gemaakt (met o.a. 12 deuren!).

Onze voorzitter was ondertussen al 51 weken haast onafgebroken actief (met slechts één weekske verlof in het afgelopen jaar). Vele anderen zaten ‘einde draad’.

 

 

3 november: het was zover. Om 14.30 uur werden de borstels neergelegd en, alsof een hoger wezen er de hand in had, viel de klok achter de toog stil op dit eigenste uur. Om 20 uur konden we alle voorname genodigden (waaronder burgemeester Frans Peeters) ontvangen in onze eigen zaal en deze met de nodige speeches en ceremonieel openen. Eddy Verdonck stak met enkele jongeren een vuurwerkske af.
We deden de receptie ’s anderendaags nog eens over voor andere invités.

 

 

meesterschilder Richard Vanhamelnog een technisch brein en meestertapper: Eddy Jacobsontwerp zaaltekening Maurits Lenaerts